De buikloop

Ik liep met de kinderen naar school toen Piet plotsklaps stopte en paniekerig zijn broek naar beneden trok, en daar een onaangename bruine vlek openbaarde. Hm, iets zei me dat die diarree van gisteren toch niet helemaal over was.
‘Eeeuwh!’ gilde hij. ‘Ik wil die broek niet meer aan, ik wil die broek niet meer aan!’

Ik kon hem geen ongelijk geven, maar in het belang van het openbaar fatsoen zei ik op sussende toon: ‘Trek hem toch maar weer even omhoog Piet. Dan gaan we gauw thuis schone kleren halen.’
Piet wierp een bedenkelijke blik op zijn bruine vlek en schudde toen heftig zijn hoofd.

Daar stond ik met vier kinderen op de stoep die binnen tien minuten op school moesten zijn. Twaalf jaar moederen hebben me beroofd van de wil me nog druk te maken, dus zei ik op kalme toon: ‘Jan, Teuntje en Ot, jullie gaan met z’n drieën naar school, en Teuntje en Jan letten op Ot. Dan ga ik met Piet naar huis.’ Met nauw verholen hilariteit vertrok het drietal en bleef ik achter met potloodventende Piet.

Ik probeerde nog een: ‘Doe de broek omhoog Piet!’ Maar zelfs voorbij giechelende tienermeisjes, ‘Oooh, moet je kíjken!’, konden Piet niet vermurwen.

Toen gaf ik hem een moederlijke hand en schuifelden we naar huis, want met je broek om je enkels kun je geen grote passen maken. Ik was in mijn snelle hardlooptenu, want ik was van plan om vanuit school meteen de wereld onveilig te gaan maken met een duurloop, maar met een ziek kind komt een moeder niet ver.

‘Nou ja,’ zei ik troostend tegen mezelf, ‘ik heb toch een buikloop mogen meemaken.’

Leave a reply

CommentLuv badge