You can do it!

Dankzij verschillende trainingsschema’s, van o.a. John Bingham en Jeff Galloway, loop ik tegenwoordig minimaal vijfenveertig minuten. En op zondag zelfs zo’n twee uur, als ik naar Westendorp ren en weer terug. Dan val ik na vijftien jaar huwelijk opnieuw in Floris armen. Niet zozeer omdat ik overspoeld wordt door liefde, als wel omdat mijn beentjes mij in de steek laten.

Maar nu doet zich het probleem voor dat vijfenveertig minuten rennen wel vijfenveertig minuten in beslag neemt! En dat laat zich wat minder makkelijk ergens tussen proppen. En omdat mijn innerlijke loopsnob haar neus ophaalt voor dertig minuten, kon het gisteren zo maar gebeuren dat ik helemaal niet wilde lopen.

Verveeld lag ik op de bank in druk gesprek met mezelf: ‘Dertig minuten is de moeite niet, dus ik ga niet. Ik kan er toch ook niks aan doen dat we de hele dag bezoek hadden? Anders was ik wel naar Westendorp en terug gelopen, maar dit was overmacht. Bovendien: nu ben ik te moe.’

Jeff Galloway schrijft in zijn boek ‘You can do it!’ dat dit soort argumenten afkomstig zijn van de linker hersenhelft. Die is namelijk altijd bang te veel te doen en ligt liever op de bank met een chips. De linker hersenhelft doet me altijd erg aan mezelf denken.

Maar terwijl ik daar zo lag, voelde ik me almaar vervelender. Dus toen mijn linker hersenhelft even niet oplette sprong ik snel van de bank in mijn sportschoenen en rende de deur uit.

Ik kuchte en pufte, en het was alsof ik door de stroop liep, maar ik liep tenminste. En in plaats van te zeuren dat ik niet wilde zei ik tegen mezelf: ‘You can do it!’

En wat bleek?
Ik kon het inderdaad.

One Response to You can do it!

  1. Eens per week doe ik een tempoloopje van 5 KM. Meestal onder de 23 minuten. Dit is niet minder leuk, minder zwaar of minder ontspannend dan de 10 KM of duurlopen. Minder is in dit geval niet minder. Dus… Gewoon gaan. Niet altijd hetzelfde loopje van 45 minuten :)) Heb je minder tijd en je voelt je lekker, loop dan iets sneller.

Leave a reply

CommentLuv badge